© 2026 Rentokil Initial plc is onderworpen aan de Belgische wetgeving. Alle rechten voorbehouden. Wettelijke vermeldingen.
Hoewel vogels een belangrijk onderdeel zijn van onze biodiversiteit, kunnen bepaalde soorten in een stedelijke of industriële omgeving voor ernstige problemen zorgen. Hun uitwerpselen tasten bouwmaterialen aan, nestmateriaal blokkeert afvoeren en schoorstenen, en hun aanwezigheid kan hygiënerisico's met zich meebrengen.
In België zijn bijna alle vogelsoorten wettelijk beschermd. Het voorkomen van overlast draait daarom hoofdzakelijk om vogelwering en preventie: het onaantrekkelijk maken van gebouwen en installaties voor vogels, zonder de dieren te schaden.
Hieronder vindt u een overzicht van de vogelsoorten die in België de meeste overlast veroorzaken, ingedeeld naar hun impact.
Deze soorten zorgen het hele jaar door voor structurele problemen aan gebouwen, zonnepanelen en installaties.
De stadsduif is de meest voorkomende vogel die in Belgische steden voor overlast zorgt. Oorspronkelijk stamt ze af van de wilde rotsduif, maar tegenwoordig leeft ze vrijwel uitsluitend in stedelijke omgevingen waar gebouwen de natuurlijke rotswanden vervangen.
De stadsduif is ongeveer 30 tot 35 cm groot en heeft meestal een blauwgrijs verenkleed met twee donkere vleugelbanden. Er bestaan ook bruine, witte of gevlekte kleurvarianten. Ze leeft vrijwel altijd in groepen en wordt vaak aangetroffen op pleinen, stations en industrieterreinen.
Stadsduiven kunnen gedurende vrijwel het hele jaar broeden wanneer voldoende voedsel beschikbaar is. Een broedsel bestaat meestal uit twee eieren en een koppel kan meerdere nesten per jaar grootbrengen. Ze bouwen hun nesten op richels, onder daken, op balkons en onder zonnepanelen.
Uitwerpselen kunnen gevels, natuursteen, metalen constructies en voertuigen aantasten. Ook kunnen opgehoopte uitwerpselen en nestmateriaal een hygiënerisico vormen en insecten zoals vlooien, mijten en motten aantrekken.
Duivenoverlast wordt het best voorkomen door voedselbronnen weg te nemen en gebouwen onaantrekkelijk te maken als nestplaats. Afhankelijk van de locatie kunnen duivenpinnen, netten of draadsystemen worden toegepast.
De kauw is een intelligente kraaiachtige die zich uitstekend heeft aangepast aan stedelijke omgevingen.
De kauw is de kleinste kraaiachtige van België. Hij heeft een zwart verenkleed, een grijs achterhoofd en opvallend lichtgrijze ogen.
Kauwen broeden in holtes, zoals schoorstenen, ventilatiekanalen en onder zonnepanelen. Ze keren vaak jarenlang naar dezelfde nestplaats terug.
Nestmateriaal kan schoorstenen en ventilatiekanalen blokkeren, met een verhoogd risico op rookterugslag of brand. Ook onder zonnepanelen veroorzaken kauwen regelmatig schade.
Schoorsteenkappen, ventilatieroosters en speciale vogelwering onder zonnepanelen voorkomen nieuwe nestvorming.
Vooral de zilvermeeuw (Larus argentatus) en de kleine mantelmeeuw (Larus fuscus) zorgen in België voor overlast.
Meeuwen zijn grote vogels met een wit lichaam, grijze tot zwarte vleugels en een krachtige snavel. Ze worden vaak aangetroffen aan de kust, in havens en steeds vaker ook in steden.
Oorspronkelijk broedden meeuwen op kliffen, maar tegenwoordig kiezen ze steeds vaker voor platte daken van woningen, bedrijven en magazijnen.
Tijdens het broedseizoen kunnen meeuwen agressief gedrag vertonen. Hun uitwerpselen vervuilen gebouwen en voertuigen, terwijl hun geroep voor geluidsoverlast zorgt.
Daknetten, gespannen draadsystemen en aangepaste wering voorkomen dat meeuwen op gebouwen gaan nestelen.
Spreeuwen veroorzaken vooral in het najaar en de winter overlast.
De spreeuw is een kleine, donkere vogel met een metaalachtige groene en paarse glans. Hij vliegt vaak in grote, spectaculaire zwermen.
Na het broedseizoen verzamelen spreeuwen zich massaal op gemeenschappelijke slaapplaatsen.
Grote groepen produceren veel uitwerpselen en veroorzaken geluidshinder. Rond bedrijven en parkeerterreinen kunnen de uitwerpselen bovendien gladheid en hygiëneproblemen veroorzaken.
Verjaging met licht- of geluidssystemen en het onaantrekkelijk maken van slaapplaatsen beperken de overlast.
De zwarte kraai is een opportunistische alleseter die zowel in steden als op het platteland voorkomt.
Volledig zwart verenkleed, stevige zwarte snavel en een lichaamslengte van ongeveer 50 cm.
Kraaien leven vaak in paren en bouwen hun nesten hoog in bomen.
Ze scheuren vuilniszakken open op zoek naar voedsel en kunnen schade veroorzaken aan landbouwgewassen en afvalopslag.
Goed afgesloten afvalcontainers en aangepaste vogelwering beperken de aantrekkelijkheid van een locatie.
De houtduif is de grootste inheemse duivensoort van België.
Herkenbaar aan de witte halsvlek, de roze borst en de brede witte vleugelband tijdens de vlucht.
Houtduiven leven vooral in parken, tuinen en bosranden. Ze bouwen eenvoudige nesten in bomen en struiken.
Hoewel ze minder problemen veroorzaken dan stadsduiven, kunnen uitwerpselen, nestmateriaal en vraatschade in tuinen en landbouwgewassen lokaal voor hinder zorgen.
Het beperken van voedselbronnen en het beschermen van gevoelige locaties helpt om overlast te voorkomen.
Preventie- en bestrijdingsmethodes